Als afvallen niet lukt, gaat het gesprek bijna altijd over eten en bewegen. Over wat er nog strakker kan, wat er nog bij kan. Veel minder vaak gaat het over de mogelijkheid dat er iets meespeelt wat met leefstijl niet op te lossen is.
Er zijn medische oorzaken die gewichtsverlies in de weg kunnen zitten. De vaakst gemiste zijn een traag werkende schildklier, insulineresistentie, PCOS, medicijnen die gewichtstoename als bijwerking hebben, slaapapneu en langdurig verhoogde stresshormonen. Geen daarvan stel je zelf vast. Ze komen aan het licht via je huisarts, meestal met een gesprek en bloedonderzoek, soms met verder onderzoek in het ziekenhuis.
Hieronder staat per oorzaak wat er speelt en hoe een arts ernaar kijkt. Dit is uitdrukkelijk geen lijst om jezelf langs te leggen. Het is bedoeld om het gesprek met je huisarts scherper te maken, want die vraag stellen blijkt in de praktijk het lastigste deel.
Welke medische oorzaken kunnen meespelen als afvallen niet lukt?
Zes oorzaken komen er in de spreekkamer het vaakst uit. Ze verschillen sterk in hoe vaak ze voorkomen en in hoeveel ze verklaren. Bij geen enkele geldt dat de weegschaal er volledig door vastgezet wordt. Wel kunnen ze afvallen langzamer, zwaarder of onvoorspelbaarder maken. Dat is precies wat mensen beschrijven die vastlopen.
| Mogelijke oorzaak | Hoe een arts dit nagaat |
|---|---|
| Te langzaam werkende schildklier | Bloedonderzoek naar TSH, zo nodig aangevuld met FT4 |
| Insulineresistentie of beginnende diabetes type 2 | Bloedonderzoek naar glucose, soms HbA1c |
| PCOS | Gesprek over de cyclus, lichamelijk onderzoek, hormoonbepaling, soms een echo |
| Medicijnen met gewichtstoename als bijwerking | Medicatiebeoordeling door arts of apotheker |
| Slaapapneu | Gesprek over slaap en slaperigheid overdag, daarna een slaaponderzoek |
| Langdurig verhoogd cortisol | Gesprek over stress, bij verdenking op een aandoening gericht hormoononderzoek |
Wat deze tabel niet is, is een instrument om jezelf een diagnose te geven. De klachten die bij deze aandoeningen horen overlappen sterk met elkaar en met gewone moeheid. Moe zijn, koud hebben en slecht slapen komen bij duizenden dingen voor. Alleen onderzoek maakt onderscheid. Dat loopt via je huisarts.
Kan het aan je hormonen liggen?
Soms wel, al is het beeld zelden zo eenvoudig als "het ligt aan mijn hormonen". Hormonen sturen honger, verzadiging, vetopslag en energieverbruik, dus een verstoring erin werkt door in je gewicht. Van de hormonale oorzaken zijn er drie die er in de praktijk uitspringen. Ze zijn alle drie met onderzoek vast te stellen en alle drie behandelbaar, al valt de winst op de weegschaal vaak kleiner uit dan gehoopt.
Een traag werkende schildklier
Je schildklier maakt hormonen die bepalen hoe snel je lichaam energie omzet. Werkt hij te langzaam, dan zakt dat tempo. Thuisarts.nl noemt als mogelijke gevolgen dat je moe bent, het koud hebt, zwaarder wordt of moeilijk poept. De diagnose stelt de huisarts met bloedonderzoek, waarbij eerst het TSH wordt bepaald.
Belangrijk om te weten is hoeveel gewicht een trage schildklier verklaart. Meestal gaat het om een paar kilo, deels vocht. Om tientallen kilo's gaat het zelden. Na behandeling met schildklierhormoon verdwijnt dat deel weer, maar de rest van het gewicht blijft staan. Dat is een teleurstelling die veel mensen meemaken en zelden vooraf horen. Behandeling van de schildklier is desondanks belangrijk, alleen niet als afvalstrategie.
Insulineresistentie en PCOS
Bij insulineresistentie reageren je cellen minder goed op insuline, waardoor je lichaam er meer van aanmaakt. Hoge insulinewaarden maken vetopslag makkelijker en vetafbraak moeilijker. Uitgebreider staat dat beschreven in ons artikel over insulineresistentie. Een huisarts kijkt hier meestal naar via je bloedsuiker, omdat insulineresistentie zelf in de huisartsenpraktijk niet routinematig wordt gemeten.
PCOS hangt hier vaak mee samen. Bij het polycysteus-ovariumsyndroom heb je geen eisprong of minder vaak, word je niet elke maand ongesteld en maken je eierstokken te veel mannelijke hormonen. Veel vrouwen met PCOS hebben ook insulineresistentie, wat afvallen zwaarder maakt. De diagnose stelt een arts, op basis van je cyclus, lichamelijk onderzoek en hormoonbepalingen. Wat afvallen met PCOS anders maakt, staat op onze pagina over afvallen met PCOS.
Cortisol bij langdurige stress
Cortisol is het hormoon dat vrijkomt bij stress en dat onder meer je bloedsuiker en vetopslag beïnvloedt. Bij langdurige stress blijft het niveau hoger dan normaal. Onderzoekers kunnen dat tegenwoordig meten in hoofdhaar, wat een beeld geeft over maanden in plaats van over één moment. Nederlandse onderzoekers van het Erasmus MC vatten die bevindingen samen in Current Obesity Reports uit 2018.
De uitkomst is genuanceerder dan het internet ervan maakt. Langdurig verhoogd cortisol hangt sterk samen met buikvet, schrijven de auteurs. Tegelijk stellen ze vast dat lang niet iedereen met obesitas verhoogde waarden heeft. Ruwweg de helft van de onderzochte groep zat op normale cortisolwaarden. Stress is dus voor sommige mensen een echte factor en voor anderen niet. Welke van de twee je bent, is aan de buitenkant niet te zien. Zelden ligt er een aandoening aan ten grondslag, zoals het syndroom van Cushing. Die sluit een arts uit met gericht onderzoek.
Kunnen medicijnen gewichtstoename veroorzaken?
Ja, en dit is waarschijnlijk de meest onderschatte oorzaak van allemaal. Verschillende veelgebruikte geneesmiddelen hebben gewichtstoename als bijwerking. Dat gebeurt langs twee wegen. Sommige middelen vergroten je eetlust of je dorst, andere verlagen je verbruik of maken je suffer waardoor je minder beweegt.
Volgens Apotheek.nl, de publieksinformatie van de apothekersorganisatie, komt gewichtstoename onder meer voor bij bepaalde antidepressiva, bepaalde antipsychotica, lithium, sommige diabetesmedicijnen, corticosteroïden, anti-epileptica, de anticonceptiepil en bètablokkers. Binnen elke groep verschillen de middelen sterk van elkaar. Er zijn vaak alternatieven die gewichtsneutraler zijn.
Hier hoort één regel bij die zonder uitzondering geldt. Stop nooit zomaar met een medicijn en pas nooit zelf je dosering aan. De aandoening waarvoor je het middel gebruikt is de reden dat het is voorgeschreven. Die reden verdwijnt niet omdat de weegschaal tegenvalt. Vermoed je dat een middel meespeelt, bespreek het dan met je arts of apotheker. Die kan meekijken of er een alternatief bestaat dat net zo goed werkt.
Hoe spelen slaap en slaapapneu mee?
Slecht slapen verandert je hongerhormonen op een manier die eten moeilijker maakt. In een onderzoek van Taheri en collega's uit 2004, gepubliceerd in PLOS Medicine onder ruim duizend deelnemers, ging ongeveer vijf uur slaap tegenover acht uur samen met zo'n 15 procent lagere leptinewaarden en zo'n 15 procent hogere ghrelinewaarden. Leptine remt je eetlust, ghreline wekt hem op. Een korte nacht duwt beide de verkeerde kant op.
Slaapapneu maakt dat beeld nog ingewikkelder. Bij slaapapneu stopt je ademhaling telkens kort tijdens het slapen. Thuisarts.nl beschrijft dat je daardoor 's nachts wakker wordt, vaak snurkt en overdag heel slaperig bent. Denkt je huisarts aan slaapapneu, dan volgt een slaaponderzoek. Op diezelfde pagina staat het advies om geen auto te rijden wanneer je overdag slaperig bent.
De verhouding tussen gewicht en slaapapneu loopt twee kanten op. Overgewicht vergroot de kans op slaapapneu en slecht slapen maakt afvallen zwaarder. Wie in die cirkel zit, komt er met alleen strenger eten meestal niet uit. Behandeling van de apneu maakt de rest daarna vaak beter haalbaar, alleen al doordat je overdag energie hebt.
Speelt het ook psychisch mee?
Vaak wel, en dat is iets anders dan een gebrek aan wilskracht. Somberheid, angst en langdurige overbelasting veranderen je eetpatroon, je slaap en je activiteit tegelijk. Medicatie voor die klachten kan er gewichtstoename bij geven, waardoor twee oorzaken door elkaar gaan lopen. Een huisarts kijkt daar in samenhang naar, omdat het los van elkaar behandelen zelden werkt.
Ook de geschiedenis met eerdere afvalpogingen telt mee. Jarenlang wisselen tussen streng zijn en loslaten laat sporen na in je verhouding tot eten. Dat is een normale reactie op herhaalde ontbering, geen karakterfout. Wanneer eten sterk aan spanning of emotie vastzit, is dat een aangrijpingspunt op zich. Meer daarover staat op onze pagina over afvallen dat niet lukt.
Eén grens is hier belangrijk. Wanneer eten iets is geworden waar je constant mee bezig bent, met veel regels, schuldgevoel of eetbuien die je niet kunt stoppen, hoort dat bij de huisarts en niet bij een gewichtsbehandeling. Eetstoornissen zijn ernstige aandoeningen die andere zorg vragen. Wij verwijzen mensen bij wie daar aanwijzingen voor zijn door.
Wat vraag je aan je huisarts?
Vraag om onderzoek naar de oorzaken die bij jouw situatie passen. Neem daarvoor concrete informatie mee. Wat je gewicht de afgelopen jaren heeft gedaan, welke medicijnen je gebruikt, hoe je slaapt en hoe je cyclus verloopt, is bruikbaarder dan de vraag waarom afvallen niet lukt. Met die gegevens kan een huisarts gericht kiezen welk onderzoek zinvol is.
Verwacht van dat onderzoek geen alles verklarende uitkomst. Meestal wordt er niets bijzonders gevonden. Ook dat is informatie. Overigens betekent een normale uitslag niet dat het aan jou ligt. Uit onderzoek van Pontzer en collega's in Science uit 2021, onder ruim zesduizend mensen, blijkt dat het energieverbruik gecorrigeerd voor vetvrije massa tussen je twintigste en zestigste opvallend stabiel is. Het idee van een stofwisseling die stukgaat, houdt geen stand.
Bij Lean Clinic behandelen we gewicht en nooit de aandoening eronder. Een trage schildklier, PCOS of slaapapneu blijft bij je eigen arts. Wat we wel doen, is meewegen wat er bij jou speelt wanneer we beoordelen of een medische gewichtsbehandeling passend is. Onze artsen vragen daarom naar je medicatie, je slaap en eerder onderzoek. Soms is de uitkomst dat je eerst bij je huisarts terug moet. Dan zeggen we dat.
Veelgestelde vragen
Kan het aan mijn hormonen liggen dat afvallen niet lukt?
Soms. Een traag werkende schildklier, insulineresistentie en PCOS kunnen afvallen zwaarder maken. Alle drie stelt een arts vast, meestal met een gesprek en bloedonderzoek. Verwacht er geen volledige verklaring van. Ook na behandeling blijft de rest van het gewicht vaak staan, al wordt afvallen dan wel voorspelbaarder.
Kun je niet afvallen door stress?
Langdurige stress kan meespelen. Onderzoek naar cortisol in hoofdhaar laat een sterk verband zien met buikvet. Diezelfde onderzoekers vonden dat ruwweg de helft van de mensen met obesitas normale cortisolwaarden heeft. Stress is dus voor de één een echte factor en voor de ander niet. Dat verschil is alleen met onderzoek vast te stellen.
Welke medicijnen geven gewichtstoename?
Gewichtstoename komt onder meer voor bij bepaalde antidepressiva en antipsychotica, lithium, sommige diabetesmedicijnen, corticosteroïden, anti-epileptica, de anticonceptiepil en bètablokkers. Binnen elke groep verschillen middelen sterk. Stop nooit zomaar met een medicijn en pas nooit zelf je dosering aan. Bespreek je vermoeden met je arts of apotheker, die kan naar een alternatief kijken.
Hoeveel kom je aan van een trage schildklier?
Meestal een paar kilo, waarvan een deel vocht. Een traag werkende schildklier verklaart zelden tientallen kilo's. Na behandeling met schildklierhormoon verdwijnt dat deel doorgaans weer, terwijl de rest blijft. Behandeling is belangrijk voor je gezondheid en je energie, maar werkt niet als middel om af te vallen.
Hoe weet ik of ik slaapapneu heb?
Dat stel je niet zelf vast. Wanneer je 's nachts wakker wordt, snurkt en overdag heel slaperig bent, is dat reden om naar de huisarts te gaan. Denkt die aan slaapapneu, dan volgt een slaaponderzoek. Rijd geen auto zolang je overdag slaperig bent.
Wat als er niets uit het onderzoek komt?
Dan is er nog steeds iets aan de hand, alleen niet iets wat met een bloedbuis te vangen is. Gewicht wordt gestuurd door aanleg, hongerregulatie, slaap, medicatie en omstandigheden die samen een sterk systeem vormen. Een normale uitslag betekent dat leefstijladvies alleen vaak niet genoeg is, niet dat je harder moet werken.
Is mijn stofwisseling kapot?
Waarschijnlijk niet. In een grote studie in Science uit 2021 bleek het energieverbruik, gecorrigeerd voor vetvrije massa, tussen je twintigste en zestigste opvallend stabiel. Er is geen aparte terugval op middelbare leeftijd gevonden. Verschillen tussen mensen bestaan wel, maar die gaan over het tempo van afvallen en niet over de vraag of het kan.
Disclaimer: Dit artikel is uitsluitend informatief en vervangt geen medisch advies. Raadpleeg altijd een arts voordat je start met medicatie, een dieet of een ander behandelplan. Geneesmiddelen zoals GLP-1-medicatie zijn in Nederland alleen op recept verkrijgbaar en dienen gebruikt te worden onder medische begeleiding.



